Wat is het neerslagtekort?
Het neerslagtekort is in essentie het verschil tussen de verdamping en de neerslag, opgeteld vanaf een bepaalde datum. Meestal is dat 1 april, tegenwoordig ook 1 januari. Voor de verdamping gebruikt het KNMI de referentiegewasverdamping. Het KNMI volgt het neerslagtekort om droogte te monitoren.
De cijfers van 2026
De lente en de zomer van 2026 waren allebei zeer zonnig en hadden weinig neerslag. De grote hoeveelheid zonnestraling zorgde bovendien voor sterke verdamping. Het landelijk gemiddelde neerslagtekort bereikte half augustus zijn maximum: 306 millimeter, tweeëneenhalf keer zoveel als de mediane waarde. Dat is het verschil tussen 470 millimeter verdamping en 164 millimeter neerslag.
Het landelijk gemiddelde komt uit 13 stations, en die verschillen sterk. Het maximale tekort liep uiteen van 205 millimeter in Groningen tot 416 millimeter in Kerkwerve op Schouwen-Duiveland. Dat kwam grotendeels doordat er in Kerkwerve minder neerslag viel, en deels doordat daar meer verdampte.
Het tekort steeg vooral in juli en, in mindere mate, in april. In die maanden viel zeer weinig regen. In mei, juni en augustus viel juist veel meer neerslag dan in juli.
Hoe bijzonder is dat?
Volgens de meetreeks vanaf 1906 staat 2026 op de zevende plaats van droogste jaren. Ook 2018, 2022 en 2025 horen bij de tien droogste. De vier droogste jaren van de vorige eeuw zijn 1976, 1959, 1911 en 1921. Het maximale tekort in de lente, van april tot en met mei, komt op de zesde plaats. Alleen in 1976 waren het maximale tekort in zowel de lente als in het zomerhalfjaar hoger dan dit jaar.
Het KNMI trekt daaruit de conclusie dat het volgens de waarnemingen niet zozeer droger is geworden, maar wel veel vaker droog.
Wat doet de opwarming?
De verdamping neemt toe met de temperatuur, met ongeveer 2 procent per graad. In de afgelopen vijftig jaar is de temperatuur in Nederland met 2 graden gestegen. Daardoor is de verdamping dit jaar 4 procent hoger dan anders: 19 millimeter van de 470. Het maximale neerslagtekort is daardoor ook 19 millimeter hoger, 6 procent van het totaal van 306 millimeter.
Een kanttekening
Het neerslagtekort is een berekening. Als het water in de bodem op is, stopt de werkelijke verdamping, maar de berekende verdamping niet. Het tekort neemt dan verder toe, terwijl de gevolgen van de droogte niet hoeven toe te nemen.